Seminar duurzame alternatieve beleggingen 2018

IVP – Instituut voor Pensioeneducatie en EY organiseerden op woensdag 3 oktober 2018 het seminar voor pensioenfondsen “Duurzame alternatieve beleggingen”.

Locatie was het auditorium in het kantoorgebouw van EY aan de Antonio Vivaldistraat 150 te Amsterdam.

Op deze pagina staat een kort verslag van het seminar.

Onderaan deze pagina staan de presentaties die u kunt downloaden.

 Tijdens het seminar kwam  aan de orde:

  • Definitie van “duurzame alternatieve beleggingen”
  • De vragen “wat, waarom en hoe” ten aanzien van duurzame alternatieve beleggingen
  • De relatie van duurzame alternatieve beleggingen met het Financieel Toetsingskader
  • Lagere buffervereisten wenselijk bij lagere risico’s
  • Pensioenwetgeving en duurzaamheid (IORP 2)
  • Praktijk van duurzame alternatieve beleggingen

 

Sprekers waren (in volgorde van het programma) :

Panel onder leiding van Nicolette Opdam (HVG Law) met:

Achtergrond:

Het onderwerp “duurzaamheid” speelt bij steeds meer pensioenfondsen een rol in de beleggingsportefeuille. Niet-beursgenoteerde duurzame beleggingen dragen bij aan het spreiden van (beleggings)risico’s en aan rendement of kunnen dienen als alternatief voor (staats)obligaties bij de financiering van langjarige pensioenverplichtingen.

 Als “duurzame alternatieve beleggingen” worden gedefinieerd, helpt dat pensioenfondsen bij het selecteren van deze beleggingen. Het risicoprofiel van deze beleggingen is gericht op de lange termijn. Dat ligt deels besloten in het woord ‘duurzaam’. Er is hierbij waarschijnlijk een betere vereenzelviging van belangen van aanbieders van deze beleggingsproducten en institutionele belegger met een langetermijn horizon.

Definitie van duurzame alternatieve beleggingen (IVP)

“Beleggingsstrategieën binnen beleggingscategorieën, veelal niet verhandelbaar op een effectenbeurs, die in belangrijke mate overwegingen op gebied van milieu, sociaal beleid of governance (ESG) in de strategie betrekken”.

Alternatieve beleggingen die aan de definitie voldoen, hebben mogelijk een lager risicoprofiel waarmee lagere buffervereisten van toepassing kunnen zijn.

Dit is interessant voor de ondernemingen die moeten bijstorten in het pensioenfonds om de dekkingsgraad op niveau te houden en interessant voor pensioenfondsen omdat lagere kapitaalvereisten meer beleggingsmogelijkheden kunnen opleveren.

1. Presentatie Wim Weijgertze, actuaris bij EY

Een duurzaam FTK

De heer Weijgertze verbond “duurzame alternatieve beleggingen” met een duurzaam Financieel Toetsingskader (FTK) voor pensioenfondsen. Hij schetste de markomstandigheden waaronder pensioenfondsen hun langjarige verplichtingen financieren, mede uit te behalen rendement van beleggingen: lage rente, lage rendementen, vereisten op grond van wet- en regelgeving en maatschappelijke verwachtingen over pensioenfondsen en hun resultaten. Illiquide beleggingen worden ingezet om de verplichtingen van pensioenfondsen af te dekken.

In een omgeving van lage rente worden alternatieve beleggingen aantrekkelijker om in te beleggen omdat zij stabiele kasstromen over een langere periode opleveren. Voorbeelden zijn beleggingen in infrastructuur, onroerend goed zoals studentenhuisvesting en hypotheken.

Als binnen de illiquide belegging een kredietwaardige wederpartij de kasstromen oplevert voor pensioenfondsen, is het kredietrisico laag. Dat is een reden om de buffervereisten in het FTK aan te passen. Er wordt dan gekeken naar het specifieke risico van een illiquide belegging in plaats van een generiek risico toe te wijzen aan de categorie van illiquide beleggingen.

FTK kan aanknopen bij Solvency 2: ‘Qualifying investments’

De heer Weijgertze gaf als oplossingsrichting aan om aan te knopen bij het financieel raamwerk voor verzekeraars, Solvency 2, waarin wordt gesproken over “qualifying investments” die in aanmerking komen voor lagere buffervereisten.

Als er in het FTK meer specifiek wordt gekeken naar de risico’s van alternatieve beleggingen, wordt deze categorie interessanter voor pensioenfondsen als middel om risico’s te spreiden, rendement te maken of om verplichtingen mee te financieren.

2. Presentatie Pieter van Rijsbergen (HVG Law) en Remco Bleijs (EY)

In het risicobeheer van pensioenfondsen nemen factoren op gebied van milieu, maatschappij en goed bestuur een steeds grotere rol in. De Engelse afkorting voor deze factoren is: “ESG” (Environment, Social, Governance).

In wet- en regelgeving zien we de nadruk op ESG terug, onder andere in de Europese IORP 2-richtlijn. In zijn presentatie gaf de heer Van Rijsbergen aan in welke artikelen van de richtlijn wordt verwezen naar ESG.

Pensioenfondsen en ESG: beleid is verplicht

Pensioenfondsen moeten expliciet beleid hebben over hoe zij omgaan met ESG bij hun vermogensbeheer en bij het risicobeheer en daarover verantwoording afleggen. In de richtlijn is bepaald dat de externe toezichthouder (in Nederland: DNB) bevoegd is om strategieën, processen en rapportage procedures te beoordelen.

De heer Bleijs gaf aan dat EY een model heeft ontwikkeld om (effect van) ESG-beleid in real time te monitoren en de financiële impact op het resultaat te meten. Dit helpt pensioenfondsen om hun ESG-beleid uit te voeren.

Aan de aanwezigen werd uitgereikt het rapport van EY: “ESG pensioenfondsen – klaar voor de toekomst”. Klikt U HIER om het rapport te downloaden. EY en HVG begeleiden pensioenfondsen bij het opstellen van ESG-beleid en bij het monitoren ervan.

 

Presentaties (klikt U op de titel om de desbetreffende presentatie te downloaden) :

01 Alternatieve beleggingen: wat waarom en hoe, door Theo Nijssen – Kempen Capital Management

02 Een duurzaam FTK, door Wim Weijgertze – EY

03-1 Duurzame alternatieve beleggingen, door Onno de Lange – IVP

03-2 Private equity als duurzame alternatieve belegging, door Frans Dooren – IVP / Nedlloyd Pensioenfonds

03-3 Privaat schuldpapier, door Els Ankum-Griffioen – IVP / Triodos Investment Management

04 ESG in IORP II implementatie, door Pieter van Rijsbergen – HVG Law & Remco Bleijs – EY

Rapport EY: ESG pensioenfondsen.Klaar voor de toekomst