seminar 2016

IVP – Instituut voor Pensioeneducatie organiseerde het seminar ‘Pensioen en Europa’.

Datum: Maandag 23 mei 2016

Locatie: Het Huis van Europa

Op deze pagina staat het verslag van het seminar.

De presentaties vindt u onderaan deze pagina.

Sprekers waren (in volgorde van het seminarprogramma):

Prof. dr. mr Hans van Meerten, Universiteit Utrecht

Drs. René Leggelo MBA, Amundi

Mr Derya Gunaydin, PensioenLab

Drs. Gerard Riemen, Pensioenfederatie

Drs. Cora van Nieuwenhuizen, Lid Europees Parlement

Drs. Janwillem Bouma, Pensions Europe

Achtergrond:

Met de ingrijpende veranderende omstandigheden waarmee pensioenfondsen hebben te maken, is de vraag of er voor de versterking van onze pensioensector kansen liggen in ‘Europa’.

Samenvatting presentaties

 

1. Prof. dr. mr Hans van Meerten, “Het ontstaan van een Europese pensioenunie

Prof. dr. mr Hans van Meerten presenteerde zijn oratie “Het ontstaan van een EU-Pensioenunie”.

Zijn presentatie vindt u HIER.

 

Hij startte de presentatie met drie constateringen.

  • Het EU-recht (zoals Europese richtlijnen, verordeningen, of uitspraken van het Luxemburgse Hof van Jusititie) heeft voorrang op nationaal pensioenrecht;
  • De EU werkt aan de totstandkoming van de kapitaalmarktenunie. Het streven is om de kapitaalmarkten van de 28 lidstaten dichter bij elkaar te brengen. Pensioen maakt deel uit van deze unie;
  • De EU beoogt een persoonlijk pensioenplan dat iedere dienstverlener kan aanbieden. Bijvoorbeeld in Oost-Europa is de ontwikkeling van pensioen nog niet zo ver. Het persoonlijke pensioenplan kan daar worden aangeboden als een mogelijkheid om de markt voor pensioenproducten te vergroten.

Europese pensioendiensten

Deze constateringen illustreren de betekenis van ‘Europa’ voor pensioendiensten in Nederland en de mogelijkheid om deze diensten uit te breiden in het buitenland.

Een praktijkvoorbeeld is het pensioenprogramma Resaver. Het is een Europees initiatief om universiteitsmedewerkers in staat te stellen internationaal wetenschappelijk onderzoek te doen in dienst van verschillende universiteiten, zonder een pensioenbreuk op te lopen zodra een (tijdelijke) betrekking in het buitenland wordt aangenomen.

Op grond van Europese wetgeving heeft België de vestigingsplaats geboden van waaruit dit pensioenprogramma wordt beheerd, en zijn er internationaal werkende dienstverleners geselecteerd om het programma uit te voeren. Nederland kan ook een aantrekkelijke vestigingsplaats zijn voor dergelijke initiatieven, zeker gegeven de hoogwaardige dienstverlening op gebied van pensioenuitvoering. Daar is een Europees gedachtekader voor nodig.

Aansprakelijkheid van de staat bij pensioentekorten – Hogan-uitspraak

Professor Van Meerten benadrukte dat het voor de pensioensector mede in het kader van risicomanagement van belang is om ‘Europa’ te volgen. Een voorbeeld is de Europese uitspraak inzake ‘Hogan’. Als een onderneming failliet gaat en de pensioentoezegging wordt niet nagekomen, dan volgt uit deze uitspraak dat de staat aansprakelijk is voor het tekort.

 

Dit wordt nader ingevuld door het EU-grondrechtenhandvest. Een particulier kan een beroep doen op dit Handvest als er sprake is van korting op het toegezegde pensioen, ook als het betreffende pensioenfonds de korting heeft moeten toepassen op grond van de Nederlandse wet.

Prof. Van Meerten stelt voor dat in het kader van de hervorming van het Nederlandse pensioenstelsel geld wordt gereserveerd voor het geval particulieren zich beroepen op het EU Handvest wanneer zij worden gekort op hun pensioen.

 

2. Drs. René van Leggelo MBA, “De IORP in de praktijk. Een alternatief voor het APF ?

De heer drs. René van Leggelo zette uiteen hoe de wereldwijd opererende Franse vermogensbeheerder Amundi gebruik maakt van de mogelijkheden van ‘Europa’ om het marktaandeel van Amundi te vergroten.

Zijn presentatie vindt u HIER.

 

 

 

De heer Van Leggelo stelde dat Amundi in Frankrijk al een marktaandeel heeft van ongeveer 50% voor pensioensparen zodat de mogelijkheden voor groei daar beperkt zijn. Europa zal de groei maken.

Nieuwe business

Op basis van de Europese IORP-richtlijn ontwikkelde Amundi een nieuwe business: het aanbieden van pensioen- en vermogensbeheerdiensten vanuit Luxemburg aan partijen in de EU-lidstaten. 

Multinationale ondernemingen wensen meer controle te hebben over de governance en kostprijs van de pensioentoezegging die zij aanbieden aan hun werknemers. Mede door de ontwikkeling van Solvency II op gebied van de financiële gezondheid van verzekeraars neemt de kostprijs van het aanbieden van een pensioentoezegging toe.

Er is een tendens dat ondernemingen zich gaan richten op hun core business en minder op het uitvoeren van een pensioenregeling. Uitvoering van de pensioenregeling is voor ondernemingen een bijzaak die steeds meer beslag legt op kostbare tijd en geld.

Op grond van operationele argumenten heeft Amundi gekozen voor Luxemburg als vestigingsplaats van waaruit de nieuwe pensioendiensten worden aangeboden. Iedere pensioenregeling wordt uitgevoerd naar het recht van de herkomststaat.

Uitvoering van pensioenregelingen in 28 EU-lidstaten

Als Amundi  voor een Duits pensioenfonds de regeling gaat uitvoeren, past het de sociale, belasting- en arbeidswetgeving toe van de staat Duitsland. Het Duitse pensioenfonds wordt behandeld alsof het een lokaal gevestigd pensioenfonds is met lokale telefoonnummers en andere mogelijkheden om contact te leggen. Dit vereist een complexe informatietechnologie en deelnemersadministratie, nodig voor particulieren en bedrijven.

Aanbeveling voor Nederlandse bedrijfstakpensioenfondsen

De heer Van Leggelo suggereerde dat Nederlandse bedrijfstakpensioenfondsen ook over de nationale grenzen kunnen kijken om te bezien of zij EU-pensioendiensten kunnen aanbieden.

 

3. mr Derya Gunaydin, “Europa, jongeren en pensioen

Mevrouw mr Derya Gunaydin sprak als aftredend voorzitter van het PensioenLab over hoe jongeren pensioen zien in relatie tot ‘Europa’.

Haar presentatie vindt u HIER.

Introductie PensioenLab

Het PensioenLab is een initiatief van de jongerenafdelingen van een aantal vakbonden om mee te denken in het kader van de hervorming van het Nederlandse pensioenstelsel. Als het Nederlandse pensioenstelsel verplicht blijft, is er draagvlak nodig onder de jongeren als deelnemers aan pensioenregelingen. Een doelstelling van het PensioenLab is om de pensioensector in Nederland te verjongen en te vernieuwen. Daarbij kijkt het PensioenLab ook naar de mogelijkheden die ‘Europa’ biedt.

 

Jongeren en Europa

De grenzen vervagen en er is steeds meer Europese wetgeving.  47% van de jongeren (gedefinieerd als personen in de leeftijdscategorie van 18 tot 39 jaar) wenst dat de EU hun pensioenzekerheid vergroot. Zij werken in toenemende mate in verschillende lidstaten. Het is nog steeds complex om bij een internationale betrekking een adequate, eenvoudige oplossing voor de pensioenopbouw te vinden. Er zijn verschillende initiatieven voor grensoverschrijdende samenwerking op het gebied van pensioen maar deze zijn nog onvoldoende ontwikkeld. Ook zijn ze te veel gericht op kostenefficiency, terwijl het belang van de jonge deelnemer onvoldoende voor ogen wordt gehouden.

Jongeren willen vooral  eenvoudige pensioenregelingen met duidelijke informatievoorziening, zodat men makkelijker over de landgrenzen heen gaat om te werken, studeren en wonen zonder dat meteen een gat in de pensioenopbouw ontstaat.

Oproep aan Nederlandse pensioensector: een Europese pensioenpijler

Het PensioenLab daagt de Nederlandse pensioensector uit om te kijken naar een product dat in meerdere landen is te gebruiken, een extra pensioenpijler. Een Europese pensioenpijler kan de mogelijke financiële consequenties van arbeidsmobiliteit en pensioen ondervangen. Daarmee wordt het een aanvulling op de bestaande pensioensystemen van de lidstaten. Omdat niet iedereen grensoverschrijdende arbeid verricht, is vrijwillige deelname te verkiezen. Dit kan via default in de nationale regeling.

Daarnaast zouden deelnemers de keuze kunnen krijgen om bijvoorbeeld het nabestaandenpensioen te verzekeren. Als een deelnemer in een ander land minder opbouwt, zou hij ervoor kunnen kiezen om dit binnen de Europese pijler te ondervangen.

Fiscale ondersteuning van de Europese pensioenpijler is belangrijk en bepalend voor de kans van slagen, waarbij toezicht op Europees niveau is geregeld. Hiermee worden de nadelen van versplinterde pensioenopbouw in verschillende lidstaten grotendeels weggenomen. De vraag is of lidstaten bereid zijn hun eigen soevereiniteit op te geven. De verdeeldheid bij ambtsdragers binnen de Europese Unie is nog altijd groot.

 

4. Drs. Gerard Riemen, “Europa in relatie tot pensioen. Standpunten van de Pensioenfederatie

 

Gerard Riemen zette uiteen waarom de Pensioenfederatie als belangenbehartiger van de Nederlandse pensioenfondsen actief is in ‘Europa’.

Zijn presentatie vindt u HIER.

Hij gaf aan dat ons pensioenstelsel anders is dan die van de overige 27 lidstaten. Een voorbeeld is dat in Nederland collectiviteit en risicodeling wezenselementen zijn in de tweede pijler (het aanvullend pensioen), en in Frankrijk in de eerste pijler (het staatspensioen). De Fransen hebben, net als andere lidstaten, een vergrijzingsprobleem en nemen bij het denken over oplossingen daarvoor kennis van het Nederlandse pensioenstelsel.

 

 

Een ander voorbeeld is de mogelijkheid van auto enrolment in het Verenigd Koninkrijk als iets dat mogelijk voor ons stelsel interessant kan worden. Auto enrolment houdt in dat in principe verplicht pensioen wordt opgebouwd tenzij de deelnemer daarvan uitdrukkelijk afziet. Om de vijf jaar wordt getoetst of het afzien van verplichte pensioenopbouw nog steeds de gekozen voorkeur is.

De Pensioenfederatie is lid van AEIP, The European Association of Paritarian Institutions. Dit is een Europese koepelorganisatie voor werkgevers en werknemers. Pensioen is er één van de onderwerpen, naast bijvoorbeeld de ziektekostenverzekeringen.

De Pensioenfederatie is tevens lid van Pensions Europe, een Europese koepel die zich uitsluitend richt op het onderwerp pensioen.

Ons pensioenstelsel is anders dan dat van de andere 27 lidstaten. Dit is belangrijk om mee te nemen in de communicatie met Brussel. Op Europees niveau wordt gesproken over ‘consumenten’ en pensioenfondsen als financiële instellingen. De Pensioenfederatie spreekt over ‘werknemers’ in plaats van consumenten en ziet pensioenfondsen als sociale instellingen met een belangrijke rol op de financiële markten.

Nederland staat er in Brussel goed op. In Nederland is er de minste armoede onder de ouderen, mede door de gelaagdheid van ons pensioensysteem met een eerste en tweede pijler.  De Europese Commissie is geen bedreiging voor Nederland. Toch wordt in Nederland meedenken in Brussel niet gewaardeerd door de euro sceptische houding. Met de internationale partners bij het EU-pensioendossier moet telkens de balans worden gevonden tussen meebewegen met plannen of voorstellen van de Europese Commissie en “nee” zeggen. Als altijd met de Commissie wordt meebewogen, leidt dat tot onbegrip bij de belangrijkste internationale partners, en als altijd “nee” wordt gezegd, kan er nauwelijks zaken worden gedaan in Brussel.

Een zorg van de Pensioenfederatie is dat de Europese monetaire politiek vooral wordt bepaald in Frankfurt (The European Insurance and Occupational Pensions Authority, EIOPA) en minder in Brussel. Waar ligt de macht in Europa?

 

5. Drs. Cora van Nieuwenhuizen, “Pensioen en het Europese Parlement

Mevrouw drs. Cora van Nieuwenhuizen is lid van het Europese Parlement namens de VVD. Zij is lid van de parlementaire commissie Econ die zich richt op onder andere het economisch en monetair beleid van de Europese Unie, vrij verkeer van kapitaal, mededinging en belastingen.

Invloed van het Europees Parlement

De Europese Commissie doet een voorstel waarna het Europees Parlement daarop reageert en voor de eigen ideeën een meerderheid in het Europees parlement probeert te vinden. Daarmee heeft het Parlement veel invloed op de besluitvorming in Europa.

Ter illustratie geeft mevrouw Van Nieuwenhuizen aan dat er op haar initiatief vanuit het Europees Parlement een voorstel is gekomen voor regelgeving inzake de rentetarieven die banken elkaar in rekening brengen als zij elkaar geld lenen (Euribor/Libor). Dit voorstel is geaccepteerd door een meerderheid na onderhandelingen in de Raad van Europa en in de Europese Commissie.

Pensioen en verkiezingen in 2017

Als pensioenen in Nederland worden gekort, kan dit van grote betekenis zijn voor de verkiezingen in 2017. Met de meeste stemgerechtigden in de leeftijd boven de 50 jaar en met belang bij pensioen in de nabije toekomst, kan de uitslag ten faveure neigen voor partijen die zich sterk maken voor de oudere pensioendeelnemer.

Europa en de financiële sector

In Europa heeft de financiële sector geen goede naam, en pensioenfondsen als onderdeel daarvan, bijgevolg ook niet, en al helemaal niet als er moet worden gekort op pensioen.

Een heikel punt is dat de gemiddelde burger zich weinig interesseert voor financiële onderwerpen als pensioen. FinTech daarentegen richt zich op een aspect dat veel mensen wel aanspreekt: technische innovatie via apps en internet. Dit kunnen pensioenfondsen in navolging van de verzekeraars ook gaan doen om hun deelnemers betrokken te houden.

 

6. Drs. Janwillem Bouma, “Pensioen en Europa

Janwillem Bouma is voorzitter van Pensions Europe, de Europese koepelorganisatie voor tweede pijler pensioen en andere pensioenvoorzieningen.

Pensions Europe heeft meer dan 20 leden, waaronder de Nederlandse Pensioenfederatie, en is opgericht om op Europees niveau de belangen te behartigen inzake het onderwerp pensioen. Pensions Europe ziet pensioen als de gebalanceerde combinatie van eerste, tweede en derde pijler pensioenen en andere kapitaalstromen vanuit de relevante  nationale context van de desbetreffende landen.

Wetgeving begint vaak wereldwijd. Sommige wetgeving vindt bijvoorbeeld zijn oorsprong in de G20, standaarden voor externe verslaggeving komen bijvoorbeeld uit de IFRS.

Onze Pensioenwet vindt zijn oorsprong in de IORP-richtlijn uit ‘Europa’. De IORP-richtlijn (naar de Engelse afkorting van Institutions for Occupational Retirement Provision) is kortgezegd het prudentiële raamwerk voor pensioeninstellingen, waaronder pensioenfondsen, binnen de EU.

60% van de mensen in Europa heeft geen toegang tot aanvullend pensioen naast het staatspensioen. Daar ligt de grote opgave. De financiering van pensioen is immers een probleem aan het worden volgens de OECD omdat door langer leven en de vergrijzing de verhouding tussen werkenden en ouderen stijgt van 28% in 2015 naar 51% in 2050. Voor het staatspensioen dat op omslag is gebaseerd vormt dit een groot probleem. Versterking van aanvullend pensioen vanuit de tweede pijler kan een grote bijdrage leveren aan voldoende oudedagsvoorziening, wat vanuit Europees verband dient te worden ondersteund.

Er is in Europa een verschuiving waarneembaar van collectieve naar naar individuele pensioenregelingen, ook door wijzigende arbeidsverhoudingen.

Pensions Europe wil ertoe bijdragen dat Nederland in ‘Europa’ het goede van het Nederlandse stelsel behoudt en een brug slaat met wat er in Brussel gebeurt. Wij kunnen als Europese federatie bijvoorbeeld laten zien wat ‘best practices’ zijn. Wat zijn de bouwstenen van een goed DB-stelsel, hoe ziet een goede DC-regeling eruit? Een vrijwillig persoonlijk pensioenproduct kan daarbij een aanvullende oplossing zijn voor werknemers in landen waar nog geen goede pensioenvoorziening in de tweede pijler aanwezig is.

Presentaties:

1. Prof. dr. mr Hans van Meerten, “Het ontstaan van een EU Pensioenunie” vindt u HIER.

2. Drs. René van Leggelo, “De IORP. Een alternatief voor het APF ? ” vindt u HIER

3. mr Derya Gunaydin, “Europa, jongeren en pensioen” vindt u HIER

4. drs. Gerard Riemen, “Europa in relatie tot pensioen. Standpunten van de Pensioenfederatie” vindt u HIER.

De aanwezigen kregen een exemplaar mee van de schriftelijke weergave van de oratie van prof. dr. mr  Hans van Meerten, “Het ontstaan van een EU Pensioenunie” (ISBN 978-80-818894-1-4). Dit is te bestellen bij het IVP via onderstaand contactformulier voor slechts € 9,95 inclusief verzendkosten.

 

 

Uw feedback: wat vond ú van het seminar? Wij stellen uw suggesties, opmerkingen, tips en ideeën op prijs. Zo kunnen we voor u onze evenementen van goed niveau houden.

Uw naam
Organisatie
Uw e-mailadres
Bericht